|
vragen ronde 2 12-11-2009 |
| 1 |
Waar moeten de tegenstanders staan bij het nemen van een inworp ? |
| |
|
| a |
Zij moeten in het veld staan. |
| b |
Zij moeten minstens twee meter van de zijlijn in het veld staan. |
| c |
Zij mogen voor de inwerper staan als zij maar stilstaan en niet roepen. |
| d |
Zij moeten minstens twee meter van de plaats staan waar de inworp wordt genomen. |
| |
|
| 2 |
Er zijn vele voorbeelden van onsportief gedrag. Een hiervan is het steunen op een medespeler. Wat zal de scheidsrechter hierop beslissen, indien dit buiten het strafschopgebied plaatsvindt, maar binnen het speelveld ? |
| |
|
| a |
Indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding. |
| b |
Indirecte vrije schop op de plaats van de overtreding en een gele kaart voor de steunende speler. |
| c |
Directe vrije schop op de plaats van de overtreding. |
| d |
Directe vrije schop op de plaats van de overtreding en een gele kaart voor de steunende speler. |
| |
|
| 3 |
Wanneer is de bal uit het spel, terwijl deze toch niet over een doel- of zijlijn is gegaan? |
| |
|
| a |
Bij elke buitenspelsituatie. |
| b |
Indien de assistent-scheidsrechter een vlagsignaal geeft. |
| c |
Na elke onderbreking door de scheidsrechter. |
| d |
Bij elke blessure van spelers. |
| |
|
| 4 |
Mag een assistent-scheidsrechter, die door de scheidsrechter het verdere assisteren is ontzegd, als speler invallen ? |
| |
|
| a |
Dit mag nooit. |
| b |
Dit mag, doch nadat de bewuste persoon een waarschuwing (gele kaart) heeft gekregen. |
| c |
Dit mag, als hij zijn excuses heeft aangeboden. |
| d |
Dit mag, tenzij de assistent-scheidsrechter is weggezonden voor een overtreding waarvoor ook een speler uit het veld zou zijn gestuurd. |
| |
|
| 5 |
Om weer in het bezit van de bal te komen, gooit een speler bij een inworp de bal tegen de rug van een tegenstander. Hij doet dat niet ruw, maar als een tactische manoeuvre. Hoe reageert de scheidsrechter? |
| |
|
| a |
Hij laat doorspelen, omdat het niet ruw gebeurde. |
| b |
Hij fluit af en laat de tegenpartij inwerpen. |
| c |
Hij fluit af, geeft de inwerpende speler een waarschuwing door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag en laat de tegenpartij inwerpen. |
| d |
Hij fluit af, geeft de inwerpende speler een waarschuwing door het tonen van de gele kaart wegens onsportief gedrag en hervat het spel met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij. |
| 6 |
Een toeschouwer loopt het veld in, terwijl de bal in het spel is. Een speler geeft hem een klap. Moet de scheidsrechter hier handelend optreden ? |
| |
|
| a |
Ja, de speler moet van het speelveld worden gezonden door het tonen van de rode kaart; het spel wordt hervat met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij op de plaats van de overtreding. |
| b |
Ja, de speler moet van het speelveld worden gezonden door het tonen van de rode kaart; het spel wordt hervat met een directe vrije schop voor de tegenpartij op de plaats van de overtreding. |
| c |
Ja, de speler moet van het speelveld worden gezonden door het tonen van de rode kaart; het spel wordt hervat met een scheidsrechtersbal. |
| d |
Ja, de speler ontvangt een waarschuwing door het tonen van de gele kaart en het spel wordt hervat met een scheidsrechtersbal. |
| |
|
| 7 |
In de rust is een veldspeler door de trainer gewisseld voor een reserve speler. Men heeft vergeten om dit aan de scheidsrechter te melden. Als deze speler kort na het begin van de tweede helft de bal over de zijlijn schiet, merkt de scheidsrechter de wisseling. Wat zal hij nu beslissen? |
| |
|
| a |
Er wordt hervat met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij. |
| b |
De wisselspeler ontvangt een waarschuwing. Er wordt hervat met een indirecte vrije schop voor de tegenpartij. |
| c |
Er wordt hervat met een inworp voor de tegenpartij |
| d |
De wisselspeler ontvangt een waarschuwing. Er wordt hervat met een inworp. |
| |
|
| 8 |
Een verdediger slaat, in een natuurlijke draaibeweging naar achteren, de bal met de elleboog weg. Hij kan de bal niet zien en slaat deze op hiervoor beschreven wijze toevalligerwijze weg uit zijn eigen doelgebied. Wat beslist de scheidsrechter? |
| |
|
| a |
Strafschop en een waarschuwing. |
| b |
Strafschop en veldverwijdering wegens het ontnemen van een duidelijke scoringskans. |
| c |
Indirecte vrije schop op de lijn van het doelgebied wegens onsportief gedrag. |
| d |
Hij laat doorspelen, omdat de speler een normale beweging maakt en hij de bal niet opzettelijk met de elleboog raakt. |
| |
|
| 9 |
De doelnetten moeten niet te strak gespannen zijn. Zijn er nog meer voorschriften ten aanzien van de doelnetten? |
| |
|
| a |
Ja, zij moeten stevig aan de doelpalen, doellat en aan de buitenzijde van de doellijn op de grond bevestigd zijn en mogen de doelverdediger niet hinderen. |
| b |
Ja, zij moeten stevig aan de doelpalen en de doellat bevestigd zijn en ook aan de grond op minimaal 1,15 meter van de buitenzijde van de doellijn. |
| c |
Ja, zij moeten stevig aan de doelpalen en de doellat bevestigd zijn en ook aan de grond op minimaal 2,24 meter van de buitenzijde van de doellijn. |
| d |
Nee, er zijn verder geen voorschriften. |
| |
|
| 10 |
Een speler neemt een strafschop. De bal komt tegen de doelpaal. De bal komt weer terug bij de nemer van de strafschop, die de bal echter over het doel schiet. Wat beslist de scheidsrechter ? |
| a |
Doelschop |
| b |
Strafschop overnemen |
| c |
Scheidsrechtersbal |
| d |
Indirecte vrije schop |
| |
|